Lance Armstrong

Er zijn twee uitvoeringen van de renner Lance Armstrong: een van voor de kanker en een van erna. De eerste stapte viermaal in de Tour op en haalde Parijs maar één keer. Dat was in het voor zijn ploeg rampzalige jaar 1995, toen Fabio Casartelli dood achterbleef op de weg van de Tour de France en Armstrong met gestrekte armen en vingers naar de hemel wees in Limoges. In zijn eerste twee Tours moest hij halverwege afstappen omdat zijn begeleiders vonden dat je jonge, talentvolle renners in hun eerste twee rondes moest sparen.

Ook in 1996, in zijn vierde Tour, haalde Armstrong Parijs niet. Hij was toen zelfs niet bij de eerste tien in de proloog van 's-Hertogenbosch te vinden (hij werd I2de) en deed niets opvallends in de eerste week van die ronde. Zijn naam duikt voor het eerst op als een groot gezelschap verzopen honden verkleed in rennerskostuum op weg gaat naar Aixles-Bains. Armstrong is een van de veertien afstappers die dag. De eerste wel te verstaan.
Dan wordt het donker. En weer licht.
Hij komt in 1999 terug naar de Tour, een medisch, wonder op wielen. Hij is een ander mens.
Ten eerste is hij, mede door zijn chemotherapie maar ook omdat hij een andere manier van leven gekozen heeft, zes kilo lichaamsgewicht kwijtgeraakt. Hij heeft een ander lichaam, hij fietst ook anders. In zijn tweede bestaan als Tour-renner draait hij nu ineens de kleine molen, waar anderen nog de grote versnelling gebruiken. Armstrong beklimt met souplesse de bergen en is totaal gefocust op het winnenyan de Tour. Hij richt zijn ploegen daar ook op in, hij rijdt een zeer beperkt seizoen en dat is nieuw voor de conservatieve fietswereld. Vroeger waren kampioenen mannen die ook door de kou van de Omloop Het Volk fietsten en die pas na de Ronde van Lombardije de fiets opborgen; een seizoen was een seizoen. Maar Armstrong doet het anders: hij selecteert zijn voorbereidingswedstrijden en stapt niet al te veel op. Alles draait om het winnen van de Tour.
In zijn nieuwe leven wordt hij ster, zeker in Amerika, waar zijn verhaal het natuurlijk goed doet. Hij wordt grootverdiener, vedette en vriend van de groten der aarde. Robin Williams traint met hem, George W. Bush stuurt zijn vliegtuig om de wielrenner op te halen na de Tour.
Dat zijn grootheden die de Europese fietswereld niet kent, maar die wereld is hij ook ontgroeid. Hij heeft aan het winnen van de Tour een geheel nieuwe dimensie gegeven.
De jonge, robuuste en koppige Texaan die in 1993 in Verdun zijn eerste etappezege haalde (voor Alcala en Pensee) bestaat niet meer. De man die in Metz, in 1999, van de rest wegrijdt in een lange tijdrit en in dat jaar alle tijdritten wint, is een fenomeen geworden.
Niet alleen maar omdat hij uit de dood herrezen is, maar veel meer nog omdat hij de Tour als enig doel in zijn wielerseizoen ziet. Alles wijkt voor die drie weken hardfietsen in Frankrijk, de hele US Postal-ploeg wordt ingericht rond dat succes en Armstrong weet viermaal op rij de tegenstand eigenlijk moeiteloos op afstand te houden. Ja, hij verliest wel eens een keer (zoals tegen de Schot David Millar in de proloog van 2000), maar altijd komt er dan een geweldige uithaal als represaille. In 2001 slaat hij twee dagen achtereen toe in de Alpen. Hij fietst tegenstrever Jan Ullrich op een hoop richting Alpe d'Huez (na die berg tienmaal in de training beklommen te hebben) en in de tijdrit naar Chamrousse (die hij viermaal als training gereden heeft) zet hij de punt op de i. De rest is verder rustig, Armstrong is de baas, verdeelt en heerst en wint verder nog twee belangrijke etappes.
Met zijn vier zeges achtereen en vooral de manier waarop hij dat gedaan heeft, heeft Armstrong het vak van Tour de France-renner een ander aanzicht gegeven en er zijn mensen die daar wat moeite mee hebben. In Frankrijk vooral, waar hij nog steeds niet geliefd is en waar ze hem 'dopé, dopé' naschreeuwen. Lachend reageert hij: 'Ik kan toch moeilijk afstappen en die domoren vertellen dat ik dertig tot veertigmaal per jaar gecontroleerd word:
De Texaan staat in 2003 op het punt zich te voegen bij de vier allergrootsten, de mannen van de vijf zeges. Hij is nu 32 jaar oud en hij weet dat zijn voorganger (en voorbeeld) Miguel Indurain op die leeftijd strandde in de Tour en zijn poging nummer zes te scoren zag mislukken.
Armstrong lijkt van een andere planeet. Zoals de Amerikaanse journalist Rick Reilly ooit ondervond. De schrijver was in Austin, Texas bezig met een verhaal over de wielrenner, toen de telefoon ging. Armstrong nam op, sprak wat korte woorden, regelde even wat andere zaken en even later zaten de twee in een snel gecharterd vliegtuigje richting Lincoln, Nebraska. Reilly keek zijn ogen uit, hij kwam immers voor de wielrenner en diens verhalen, maar zat even later met Bono en de andere mannen van U 2 aan tafel. Bono had Armstrong gebeld. Hij had hem nodig bij zijn concert en liet Armstrong even het podium opkomen: 'Give a warm welcome to a true hero...'
Kom daar eens om bij een gewone Tour-renner.