Yevgeni Berzin

Yevgeni Berzin kwam als een komeet, kocht dure auto's en stortte zich in avonturen met vreemde figuren. Van zijn wielerloopbaan bleef na een paar jaar niets meer over dan een vale foto van een man die ooit voorbestemd leek groots te gaan winnen. Yevgeni Berzin kwam uit het hele verre Vyborg (net als Ekimovoverigens) en was een rebel op de fiets. Samen met boezemvriend Vladislav Bobrik 'vluchtte' hij ooit naar Los Angeles omdat de westerse cultuur hem meer aantrok dan het saaie leven in Leningrad.

Meneer kon wel fietsen. Hij won Luik-Bastenaken-Luik, versloeg Miguel Indurain in de Giro en kwam met de borst vooruit naar de Tour. We zouden wat meemaken... Maar wacht even, was hij niet lid van die uiterst verdacht opererende Bianchi-ploeg, waar beroemde doktoren de dienst leken uit te maken? Ja, dat was hij.
Hij startte slechts viermaal in de Tour, werd 20ste in 1996, uitgerekend het jaar dat hij uitsluitend kwam om te winnen. Hij pakte de 'gele trui na de etappe in Les Arts en er waren mensen (veel journalisten uit Italië) die in hem een leider voor vele dagen zagen. In het geel, dat wel, en met groot vertoon van macht won hij een dag later de klimtijdrit naar Val d'Isère (voor Riis, Olano, Rominger en Indurain), maar de kleine Rus bleek geen diepgang te hebben. In de beroemde, ingekorte etappe naar Sestrière over 46 kilometer sneuvelde hij in de slotkilometers, reed in het rood en kwam nooit meer op verhaal. Op weg naar Hautacam verloor hij tijd en in Pamplona gaf hij meer dan een half uur toe op de besten van het klassement. Zijn rol was uitgespeeld nog voordat hij werkelijk mee had kunnen spelen.
Berzin, koppig, verwend, vervelend voor zijn omgeving (landgenoot en vroegere ploeggenoot Pjotr Ugromov weigerde met hem te spreken, andere Russen reden ostentatief
weg als Berzin hun richting opkwam) raakte in een onstuitbare neerwaartse spiraal. Privé-problemen, een merkwaardige verhouding met de dochter van een schatrijke wijnboer en een verwaarloosde wielerloopbaan brachten hem aan lagerwal. Hij joeg zijn zuur verdiende centen er in straf tempo door en kwam nog nauwelijks aan koersen toe. Nog altijd heette hij een talent te zijn, maar in' 97 gaf hij op in de zevende etappe en in zijn slot jaar, in 1998, was hij een schim van zichzelf en werd 25ste. Bij de ploeg Française des Jeux probeerde hij een nieuw wielerleven op te pikken, maar onderweg in zijn korte, onevenwichtige loopbaan was te veel misgegaan. In zijn slot jaar probeerde ik voor de start van een etappe eens een gesprek. Ik bleek met een miskend talent van doen te hebben. Yevgeni Berzin kwam na '98 nooit meer naar de Tour. Hij bewees ook helemaal niets meer op de fiets.